Voorleeshulp & Tips


Voorlezen is niet altijd even gemakkelijk. Het is zeer afhankelijk van het boekje dat je voorleest. De meeste kinderboeken zijn namelijk geschreven om door kinderen zelf te worden gelezen. Andere boeken bevatten veel moeilijke termen en/of situaties en weer andere boeken zijn gewoon niet meer van deze tijd.

Een rijtje voorbeelden van factoren die het gemak van voorlezen beïnvloeden:

  • Hoe ‘moeilijk’ is het boek? Staan er veel moeilijke woorden in die je moet uitleggen? Zijn er ingewikkelde situaties die je kind (nog) niet kent?
  • Soms is een boek enorm abstract en moet je veel uitleggen en improviseren. (Dat kan overigens ook juist leuk zijn!)
  • Is het een ouderwets boek? Dan moet je af en toe tijdens het lezen proberen woorden/uitdrukkingen te veranderen. (Bijvoorbeeld ‘Otje – Annie M.G. Schmidt‘)
  • Heb je de volledige aandacht van je kind? (Nee, waarschijnlijk niet. En dat is niet heel erg. Maar je kunt ervoor zorgen dat hij/zij zo min mogelijk wordt afgeleid.)
  • Staan er geen of weinig plaatjes in het boek? Dan wordt het (afhankelijk van de leeftijd) moeilijker voor het kind de aandacht erbij te houden.

 

 

>> Voorlezen aan 0- tot 2-jarigen
>> Voorlezen aan 2- tot 4-jarigen